Titel 5. Besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid · Afdeling 4. De algemene vergadering
Artikel 2:231 BW
In deze vorm in werking sinds 1 oktober 2012, laatst gewijzigd bij Stb. 2012, 299
De algemene vergadering is bevoegd de statuten te wijzigen; voor zover bij de statuten de bevoegdheid tot wijziging mocht zijn uitgesloten, is wijziging niettemin mogelijk met algemene stemmen in een vergadering waarin het gehele geplaatste kapitaal is vertegenwoordigd.
Een bepaling in de statuten, die de bevoegdheid tot wijziging van een of meer andere bepalingen der statuten beperkt, kan slechts worden gewijzigd met inachtneming van gelijke beperking.
Een bepaling in de statuten, die de bevoegdheid tot wijziging van een of meer andere bepalingen uitsluit, kan slechts worden gewijzigd met algemene stemmen in een vergadering waarin het gehele geplaatste kapitaal is vertegenwoordigd.
Een besluit tot statutenwijziging dat specifiek afbreuk doet aan enig recht van houders van aandelen van een bepaalde soort of aanduiding, behoeft, tenzij ten tijde van de toekenning van het recht de bevoegdheid tot wijziging bij die bepaling uitdrukkelijk was voorbehouden, een goedkeurend besluit van deze groep van aandeelhouders, onverminderd het vereiste van instemming waar dit uit de wet voortvloeit.
Huidige tekst, volgens de laatst gepubliceerde versie van Boek 2 BW (1 juli 2026) · wetten.overheid.nl
Uitspraken over artikel 2:231 BW (1)
Hoven en Ondernemingskamer (1)
Enquête en schorsing bestuurder na gebrekkig besluit buiten vergadering en informatieverstrekking
“Momentum en Wonder stellen zich op het standpunt dat het besluit tot rectificatie/statutenwijziging in strijd met artikel 2:238, eerste lid, BW en artikel 19, eerste lid van de statuten van Digicorp buiten vergadering is genomen, omdat het besluit niet door Momentum is ondertekend. Daarnaast zou expliciete instemming van Momentum met het besluit zijn vereist op grond van artikel 2:231, vierde lid, BW omdat het besluit er onder meer toe strekte de aan haar toekomende stemrechten af te nemen.”
r.o. 3.4