← Alle artikelen

Titel 4. Naamloze vennootschappen · Afdeling 2. De aandelen

Artikel 2:86 BW

In werking getreden op 1 januari 1993 (Stb. 1986, 275)

1

Voor de uitgifte en levering van aandeel op naam, niet zijnde een aandeel als bedoeld in artikel 86c, of de levering van een beperkt recht daarop, is vereist een daartoe bestemde ten overstaan van een in Nederland standplaats hebbende notaris verleden akte waarbij de betrokkenen partij zijn. Geen afzonderlijke akte is vereist voor de uitgifte van aandelen die bij de oprichting worden geplaatst.

2

Akten van uitgifte of levering moeten vermelden:

a.de titel van de rechtshandeling en op welke wijze het aandeel of het beperkt recht daarop is verkregen;

b.naam, voornamen, geboortedatum, geboorteplaats, woonplaats en adres van de natuurlijke personen die bij de rechtshandeling partij zijn;

c.rechtsvorm, naam, woonplaats en adres van de rechtspersonen die bij de rechtshandeling partij zijn;

d.het aantal en de soort aandelen waarop de rechtshandeling betrekking heeft, alsmede

e.naam, woonplaats en adres van de vennootschap op welker aandelen de rechtshandeling betrekking heeft.

Huidige tekst, volgens de laatst gepubliceerde versie van Boek 2 BW (1 juli 2026) · wetten.overheid.nl

Uitspraken over artikel 2:86 BW (1)

Conclusies van de A-G (1)

  • Parket bij de Hoge Raad · 30 maart 2012

    Artikel 2:86d BW: belanghebbenden bij verzet tegen duplicaten van toonderaandeelbewijzen

    “Met grief 1 richt [verzoeker] zich tegen het oordeel van de rechtbank, dat de gemeente en [verweerder 2] als belanghebbenden zijn aan te merken in de zin van artikel 2:86[d] lid 4 BW. Als grondslag voor deze grief heeft [verzoeker] aangevoerd dat de mogelijkheid om verzet in te stellen, na een publicatie van een aanvraag om verloren gegane aandeelbewijzen, slechts is bedoeld voor derden die menen zelf rechthebbende te zijn van de aandelen waarvan om duplicaten is verzocht. [Verzoeker] wijst hiervoor naar de Memorie van Toelichting bij het artikel. Voorts wijst hij erop dat aandelen aan toonder vrij overdraagbaar zijn. Dit impliceert volgens hem dat de vennootschap noch andere aandeelhouders invloed kunnen en mogen uitoefenen op wie er aandeelhouder is of wordt. De systematiek van artikel 2:86d BW is erop gericht dat indien zich na publicatie niemand meldt die rechthebbende claimt te zijn de vennootschap de aandelen dient te verstrekken, aldus steeds [verzoeker].”

    r.o. 6.1

    ECLI:NL:PHR:2012:BV1758