← Alle artikelen

Titel 1. Algemene bepalingen

Artikel 2:24d BW

In deze vorm in werking sinds 1 januari 2025, laatst gewijzigd bij Stb. 2024, 174

1

Bij de vaststelling in hoeverre de leden of aandeelhouders stemmen, aanwezig of vertegenwoordigd zijn, of in hoeverre het aandelenkapitaal verschaft wordt of vertegenwoordigd is, wordt geen rekening gehouden met lidmaatschappen of aandelen waarvan de wet of een statutaire regeling als bedoeld in artikel 228 lid 5 bepaalt dat daarvoor geen stem kan worden uitgebracht.

2

In afwijking van lid 1 wordt voor de toepassing van de artikelen 24c, 63a, 152, 201a, 220, 224a, 262, 265a, 333a lid 2, 334ii lid 2, 336a lid 1, 346, 379 lid 1 en lid 2, 407 lid 2, 408 lid 1 en 414 ten aanzien van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid tevens rekening gehouden met aandelen waarvan een statutaire regeling als bedoeld in artikel 228 lid 5 bepaalt dat daarvoor geen stem kan worden uitgebracht.

Huidige tekst, volgens de laatst gepubliceerde versie van Boek 2 BW (1 juli 2026) · wetten.overheid.nl

Uitspraken over artikel 2:24d BW (2)

Hoven en Ondernemingskamer (2)

  • Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer) · 29 september 2026

    Uitkoop na openbaar bod: 2:359c BW afgewezen, 2:201a BW toegewezen

    “Bij de toets of Kodiak voor eigen rekening ten minste 95% van het geplaatste kapitaal in [bedrijf] verschaft en 95% van de stemrechten vertegenwoordigt, tellen de Aandelen die [bedrijf] in haar eigen kapitaal houdt ingevolge het bepaalde in artikel 2:201a BW in verbinding met artikel 2:24d BW, niet mee. Op grond van voornoemde stukken, mede in onderling verband gezien, staat naar het oordeel van de Ondernemingskamer genoegzaam vast dat Kodiak op de dag van de dagvaarding voor eigen rekening in ieder geval 474.534.137 Aandelen hield van de in totaal bij deze toets mee te tellen 485.464.923 (488.178.642 Aandelen in het geplaatste kapitaal van [bedrijf] minus 2.713.719 door [bedrijf] zelf gehouden Aandelen), welk aantal gelijk staat aan 97,75% van het geplaatste kapitaal. In artikel 35.1. van de ten tijde van de dagvaarding geldende statuten van [bedrijf] is bepaald dat één Aandeel recht geeft op het uitbrengen van één stem in de algemene vergadering. Aldus verschaft Kodiak op de dag van dagvaarding tenminste 95% van het geplaatste kapitaal van [bedrijf] en vertegenwoordigt zij tenminste 95% van de stemrechten in [bedrijf] . De vordering is in zoverre deugdelijk. Het dagvaarden van […]”

    r.o. 3.8

    ECLI:NL:GHAMS:2026:2761

  • Gerechtshof Amsterdam (Ondernemingskamer) · 30 juni 2026

    Uitkoop na openbaar bod; ADSs en CDIs als certificaten; prijsvermoeden en peildatum

    “Bij de toets of MIHB voor eigen rekening ten minste 95% van het geplaatste kapitaal in JET verschaft, tellen de Aandelen die JET in haar eigen kapitaal houdt ingevolge het bepaalde in artikel 2:359c BW juncto artikel 2:24d BW, niet mee. Ten tijde van het uitbrengen van het Bod hield JET 8.288.240 Aandelen in haar eigen kapitaal (zie 2.9). Vervolgens heeft JET op 25 september 2025 1.342.500 Aandelen overgedragen aan STAK (zie 2.10). Van de resterende Aandelen die JET in haar eigen kapitaal hield kwamen 409.123 Aandelen toe aan (voormalig) bestuursleden van JET en deze zijn op 9 oktober 2025 aangemeld onder het Bod en op 21 oktober 2025 overgedragen aan MIHB (zie 2.10 en 2.13). Aldus hield JET op de datum van de dagvaarding nog 6.536.617 Aandelen in haar eigen kapitaal.”

    r.o. 3.5

    ECLI:NL:GHAMS:2026:1742