← Alle artikelen

Titel 9. De jaarrekening en het bestuursverslag · Afdeling 2. Algemene bepalingen omtrent de jaarrekening

Artikel 2:361 BW

In deze vorm in werking sinds 27 juli 2005, laatst gewijzigd bij Stb. 2005, 377

1

Onder jaarrekening wordt verstaan: de enkelvoudige jaarrekening die bestaat uit de balans en de winst- en verliesrekening met de toelichting, en de geconsolideerde jaarrekening indien de rechtspersoon een geconsolideerde jaarrekening opstelt.

2

Coöperaties en de in artikel 360 lid 3 bedoelde stichtingen en verenigingen vervangen de winst- en verliesrekening door een exploitatierekening, indien het in artikel 362 lid 1 bedoelde inzicht daardoor wordt gediend; op deze rekening zijn de bepalingen omtrent de winst- en verliesrekening zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing. Bepalingen omtrent winst en verlies zijn zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing op het exploitatiesaldo.

3

De bepalingen van deze titel gelden voor jaarrekeningen en hun onderdelen, zowel in de vorm waarin zij door het bestuur zijn opgemaakt als in de vorm waarin zij door het bevoegde orgaan van de rechtspersoon zijn vastgesteld.

4

Bij de toepassing van de artikelen 367, 370 lid 1, 375, 376, 377 lid 5 en 381 moeten overeenkomstige vermeldingen als met betrekking tot groepsmaatschappijen worden opgenomen met betrekking tot andere maatschappijen:

a.die op voet van de leden 1, 3 en 4 van artikel 24a rechten in de rechtspersoon kunnen uitoefenen, ongeacht of zij rechtspersoonlijkheid hebben, of

b.die dochtermaatschappij zijn van de rechtspersoon, van een groepsmaatschappij of van een maatschappij als bedoeld in onderdeel a.

Huidige tekst, volgens de laatst gepubliceerde versie van Boek 2 BW (1 juli 2026) · wetten.overheid.nl

Uitspraken over artikel 2:361 BW (2)

Het lid volgt uit de rechtsoverwegingen; een uitspraak kan onder meer leden staan.

Conclusies van de A-G (2)

  • Parket bij de Hoge Raad · 21 februari 2020

    Conclusie: jaarrekening 2017 GGN Holding, uittreders als vreemd vermogen, inzichtsvereiste

    “Subonderdeel 7.1 klaagt dat de ondernemingskamer in rov. 3.21 en 3.25 miskent dat blijkens art. 2:361 lid 1 BW onder de jaarrekening wordt verstaan het geheel van de enkelvoudige jaarrekening die bestaat uit de balans en de winst- en verliesrekening met toelichting, en de geconsolideerde jaarrekening indien de rechtspersoon een geconsolideerde jaarrekening opstelt. Volgens het subonderdeel miskent de ondernemingskamer in rov. 3.21 en 3.25 tevens dat het inzichtsvereiste van art. 2:362 BW geldt voor het geheel van de enkelvoudige en de geconsolideerde jaarrekening en niet voor de enkelvoudige jaarrekening afzonderlijk, en dit slechts anders is als er alleen een enkelvoudige jaarrekening is opgesteld.”

    r.o. 3.56 · lid 1

    ECLI:NL:PHR:2020:172

  • Parket bij de Hoge Raad · 24 februari 2006

    Groepsvrijstelling artikel 2:403 BW en jaarstukken bij beursgenoteerde obligaties concerndochter

    “Onder jaarrekening (in de zin van boek 2 BW) moet worden verstaan de balans en de winst- en verliesrekening met toelichting (art. 2:361 lid 1 BW). Art. 2:362 BW, dat een centrale plaats inneemt binnen het jaarrekeningenrecht, bepaalt vervolgens in het eerste lid dat de jaarrekening volgens normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd, een zodanig inzicht biedt dat een verantwoord oordeel kan worden gevormd omtrent het vermogen en het resultaat, alsmede voor zover de aard van de jaarrekening dat toelaat, omtrent de solvabiliteit en de liquiditeit van de rechtspersoon.”

    r.o. 2.27 · lid 1

    ECLI:NL:PHR:2006:AV0046