Titel 2. Verenigingen
Artikel 2:29 BW
In deze vorm in werking sinds 1 oktober 1997, laatst gewijzigd bij Stb. 1996, 181
De bestuurders van een vereniging waarvan de statuten zijn opgenomen in een notariële akte, zijn verplicht haar te doen inschrijven in het handelsregister en een authentiek afschrift van de akte, dan wel een authentiek uittreksel van de akte bevattende de statuten, ten kantore van dat register neer te leggen.
Zolang de opgave ter eerste inschrijving en nederlegging niet zijn geschied, is iedere bestuurder voor een rechtshandeling waardoor hij de vereniging verbindt, naast de vereniging hoofdelijk aansprakelijk.
Huidige tekst, volgens de laatst gepubliceerde versie van Boek 2 BW (1 juli 2026) · wetten.overheid.nl
Uitspraken over artikel 2:29 BW (1)
Conclusies van de A-G (1)
Hoofdelijke bestuurdersaansprakelijkheid bij te late handelsregisterinschrijving bv; ratio artikel 2:180 lid 2 sub a BW
“[…] H. de Groot, Bestuurdersaansprakelijkheid, 2006, p. 36-39; J.B. Wezeman, Aansprakelijkheid van bestuurders, diss. RUG, 1998, p. 15-19 en p. 23-26, alle met veel verdere verwijzingen waaronder Hof 's-Hertogenbosch 1 april 1977, NJ 1977, 544 en Rechtbank Amsterdam 13 juni 1979, NJ 1980, 254. 3 Zie ook art. 2:69 BW voor naamloze vennootschappen en - met een enigszins hiervan afwijkende regel - art. 2:29 en 2:289 BW voor verenigingen resp. voor stichtingen. 4 Zie bijvoorbeeld (ook) HR 11 november 1988, NJ 1989, 606 m.nt. Ma (rov. 3.2, alwaar de Hoge Raad spreekt van een 'vergaande sanctie'); HR 4 oktober 1996, LJN ZC2160, NJ 1997, 187 m.nt. Ma (rov. 3.3.2 waarin de Hoge Raad spreekt van 'de sanctie van hoofdelijke aansprakelijkheid'). 5 Zie over de verschillen tussen art. 2:9 BW en art. 2:180 BW: Asser/Maeijer/Van Solinge & Nieuwe Weme 2-II* 2009, nr. 64. 6 Zie bijvoorbeeld: HR 11 juli 2003, LJN AF4595, NJ 2003, 630 m.nt. Ma (rov. 3.9). 7 Wijziging van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek in verband met de aanpassing van de regeling voor besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid (Wet vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht), Kamerstukken II, 2006/07, 31 058, nrs. 1-2. […]”
r.o. 3.6